Recensie van: Brecht Decoene, Achterdocht tussen feit en fictie: kritisch omgaan met complottheorieën, VUBPRESS (ASP) 2016 (104 p.)

Review: favorite (1)favorite (1)favorite (1)favorite (2)favorite (2)

Reptilians zijn als mensen vermomde, hagedisachtige ruimtewezens met een onstilbare machtshonger. Onder hun leden vinden we George W. Bush, Bill Clinton, Dick Cheney, Henry Kissinger, Tony Blair, koningin Elizabeth en dichter bij huis zelfs koningin Beatrix. Deze snoodaards ontvoeren geregeld kinderen voor hun genetische experimenten en duistere rituelen. (p. 28)

Complottheorieën durven al eens grappig te zijn. Maar hoewel straffe verhalen zoals deze over shapeshifting reptilian humanoids bij velen op de lachspieren werken, zijn ze niet per se onschuldig. In de skeptische monografie Achterdocht tussen feit en fictie: kritisch omgaan met complottheorieën (2016) biedt moraalfilosoof Brecht Decoene een overzichtelijke introductie tot de studie van complottheorieën.

achterdocht tussen feit en fictieDat complottheorieën beslist een eigen studiegebied verdienen, wordt duidelijk gemaakt op de eerste pagina’s van het boekje. De ene samenzweringstheorie is namelijk de andere niet, en de redenen waarom we met z’n allen vatbaar zijn voor de meest knotsgekke theorieën zegt veel over hoe we als denkende mensen in elkaar zitten.

Daarnaast is het actief bestuderen – en bestrijden – van irrationeel complotdenken maatschappelijk erg relevant, aldus Decoene. Het internet maakt het verspreiden en delen van informatie makkelijker dan ooit, maar helaas geldt dat ook voor verzinsels, kromme redeneringen en andere desinformatie. Net daarom is het aanscherpen van kritisch denkvermogen en het aanleren van goed bronnenonderzoek zo belangrijk.

Want hoewel een ontkenning van de maanlanding of een hardnekkig geloof in het feit dat de vermoorde rapper Tupac Shakur ergens levend en wel rondhuppelt in Cuba in wezen onschuldig lijken, kunnen complottheorieën wel degelijk gevaarlijke en ronduit rampzalige vormen aannemen, vooral als ze gebruikt worden om geweld te verantwoorden. De aanslagen van Timothy McVeigh en Anders Breivik zijn maar twee gruwelijke voorbeelden die in de tekst worden genoemd.

de-ongelovige-thomas-heeft-een-puntOm de lezer te wapenen voor een gesprek met zogenoemde truthers, geeft Decoene ook een beknopte inkijk in ‘de bovenkamer van de achterdochtige denker’, werpt hij licht op de meest voorkomende drogredenen en reikt hij vier tactieken aan om de immunisatiestrategieën van complottheoretici te ontmantelen, met dank aan Socrates en Karl PopperAchterdocht tussen feit en fictie biedt een overzichtelijke en vlot leesbare introductie tot het skeptische denkarsenaal. Wie erdoor warm gemaakt is en verder wil lezen, kan gezwind doorlezen in De Ongelovige Thomas heeft een punt, de – intussen toch wel – klassieker van Johan Braeckman en Maarten Boudry uit 2011.

Dat de auteur zelf al geregeld de degens kruiste met aanhangers van bedenkelijke theorieën, blijkt uit de afsluitende bedenking, waarmee hij de lezer in de strijd stuurt:

Verwacht geen wonderen. Overschat de impact van onmiskenbare feiten, geciteerde onderzoeken of rationele argumenten niet. De gesprekspartner, overtuigd van zijn eigen gelijk, gegijzeld door het emotionele engagement of denkend aan het belang van zijn imago, zal niet noodzakelijk van gedachten veranderen omwille van iets wat jij beweert. (p. 93)

Achterdocht tussen feit en fictie is de eerste van een reeks skeptische monografieën uitgegeven door ASP en SKEPP, de Studiekring voor Kritische Evaluatie van Pseudo-wetenschap en het Paranormale. De hoofdredacteurs van de reeks – getiteld ‘De Skeptische Kijk’ – zijn Johan Braeckman en Tim Trachet. Later dit jaar zou het volgende deel uitkomen, ditmaal over de wereldwijde verspreiding van het creationisme, geschreven door Stefaan Blancke.