Recensie van: Jo Marchant, Gezond Verstand: de wetenschap van geest en lichaam (oorspronkelijke titel: Cure, a journey into the science of mind over body , Atlas Contact, 2016 (399 p.)

Review: favorite (1)favorite (1)favorite (1)favorite (2)favorite (2)

jo-marchant-gezond-verstand-de-wetenschap-van-geest-en-lichaam-atlas-contact-2016Zo’n vier eeuwen geleden haalde René Descartes met zijn dualisme het materiële lichaam en de onstoffelijke geest onverbiddelijk uit elkaar. Sinds de Verlichting beschouwen we onszelf graag als rationele wezens die hun biologische, dierlijke natuur moeiteloos overstijgen. Nochtans worden we maar al te vaak ingehaald door onze evolutionaire voorprogrammering. Dat onze rede lang niet altijd de plak zwaait, verklaart bijvoorbeeld waarom we altijd gelijk willen krijgen.

Neen, ons lichaam en onze geest zijn perfect geïntegreerd, zo stelt ook wetenschapsjournaliste Jo Marchant in haar boek Gezond Verstand. Meer zelfs: geest en lichaam zijn zo innig verstrengeld met elkaar dat de geest een genezende impact op het lichaam kan hebben.

Ho, wacht. Een auteur die claimt dat gedachten een helend effect op onze fysiologie kunnen bewerkstelligen? De skepticus in mij las ietwat nukkig verder. Gelukkig is Jo Marchant geen holistische new age-goeroe of spirituele snoeshaan. Integendeel: ze is doctor in de genetica en de medische microbiologie, en schrijft voor bladen als Nature en New Scientist. De wetenschappelijke methode is haar dus allerminst vreemd.

Marchant erkent dat de genezende kracht van de geest en het hele ‘mind-body’-idee gekaapt is door een pseudowetenschappelijk allegaartje van alternatieve geneesmethodes. Van homeopathie over reiki en acupunctuur tot gebedsgenezers: stuk voor stuk methodes die in essentie gebaseerd zijn op onzin en onmogelijk standhouden in klinische onderzoeken.

Maar: we mogen het kind ook niet met het badwater weggooien, aldus Marchant. Alternatieve geneeskunde werkt vrijwel nooit op de manier die ze claimt (en wordt allicht veel te duur betaald) maar het zijn wel empathische vormen van zorg die onze gedachten positief beïnvloeden en zo verregaande placebo-reacties in de hand kunnen werken. Ons brein is zeker geen wondermedicijn, maar misschien is het wel tot meer in staat dan we denken als pijnstiller, antidepressivum en zelfs ontstekingsremmer.

Als we erkennen dat de geest een rol speelt bij de gezondheid, kunnen we die geest dan redden uit de klauwen van de pseudowetenschap? (p. 19)

Dat onze gedachten zich fysiek kunnen laten gelden is zonneklaar. Iedereen krijgt wel eens kippenvel bij het horen van een bepaald liedje en wie zich nog maar inbeeldt in een sappig schijfje citroen te happen, trekt onbewust al een gezicht. Ook het placebo-effect (uitvoerig behandeld in de eerste hoofdstukken van Gezond Verstand) is op zich een gekend voorbeeld: pijnverlichting of stressverlaging louter door het vertrouwen in de heilzame werking van een middel dat verder geen werkende bestanddelen bevat.

Jo Marchant wil met haar boek echter aantonen dat dergelijke effecten veel verder kunnen gaan dan we soms denken. Ze reist de wereld rond om pionierende wetenschappers aan het woord te laten en toont met verschillende case studies aan dat het onderzoek naar de genezende kracht van onze geest veel verder staat dan algemeen aangenomen.

Veel van deze onderzoeken zijn interessant en verrassend. Zo blijkt het placebo-effect niet enkel te werken in pilvorm, maar zijn er ook gevallen van placebo-chirurgie bestudeerd: fysieke pijn die verlicht wordt na een ‘valse’ ingreep. Elk hoofdstuk van Gezond Verstand behandelt een specifiek thema. Naast placebo’s komen ook hypnose, mindfulness, biofeedback, en ja, zelfs religie aan bod.

Voor alle duidelijkheid: Marchant maakt overvloedig duidelijk dat ze niet in de wonderen van Lourdes gelooft en geeft meermaals aan dat het afwijzen van conventionele geneeskunde levensgevaarlijk is. Maar tegelijk breekt ze met nuchtere en sceptische blik een lans voor de voordelen van alternatieve geneeskunde. Placebo’s en acupunctuur zullen nooit kanker genezen, maar als ze pijn en stress kunnen verlagen, moeten we ze misschien ook niet volledig in de ban slaan, is haar slotsom. Zeker als we daardoor kunnen vermijden dat mensen onnodig slaapmiddelen, pijnstillers of antidepressiva slikken.

Ik wil niet beweren dat we uitsluitend op onze geest zouden moeten vertrouwen voor onze genezing. Maar het is ook geen oplossing om de rol van de geest in de geneeskunde te ontkennen. Mijn hoop is dat dit boek kan helpen om een aantal vooroordelen tegen mind-body-benaderingen weg te nemen. En dat het daarnaast mensen bewuster kan maken van het feit dat dit rekening houden met de geest in de gezondheidszorg juist een meer wetenschappelijke en op bewijs gebaseerde benadering is, dan steeds meer te vertrouwen op fysieke interventies en medicijnen. (p. 354)

Belangrijke voorwaarde daarbij is dat conventionele en alternatieve geneeskunde met elkaar geïntegreerd worden. Net door de voordelen van alternatieve methodes niet te onderzoeken of ze radicaal af te wijzen, blijven ze in de handen van schimmige pseudotherapeuten die goed geld verdienen aan hun holle praatjes over chakra’s en energiestromen.

Wat ik nog mis in de conclusie van Marchant is dat conventionele en alternatieve geneeskunde niet enkel gecombineerd moeten worden, maar ook uitsluitend door artsen voorgeschreven zouden mogen worden. De voordelen van placebo’s en empathische zorg mogen dan wel duidelijk zijn, het blijft hoe dan ook gevaarlijk als jan met de pet zich van de ene dag op de andere een ‘heler’ mag noemen om vervolgens zonder degelijke diagnose naalden in iemands lijf te gaan prikken.

Gezond Verstand is een interessant en meeslepend boek dat vlot wegleest. Vele van de aangehaalde onderzoeken zijn ronduit verbazend. Een minpuntje is de kwaliteit van de vertaling. In het laatste hoofdstuk over religie gaat het plots over een ‘wafel’, terwijl duidelijk een hostie (in het Engels wafer) wordt bedoeld.

Blijf op de hoogte via Facebook en Twitter of abonneer je op de VDF-nieuwsbrief

Titelafbeelding via Wikimedia Commons: René Descartes’ illustratie van het dualisme: inputs passeren de zintuigen en komen samen in de pijnappelklier waar de hersenen en de immateriële geest elkaar raken.