Recensie: Mia Doornaert, Ontredderde Republiek: zoektocht naar de ziel van Frankrijk, Uitgeverij Polis, 2017 (283 p.)

Review: favorite (1)favorite (1)favorite (1)half-starfavorite (2)

De ontredderde republiek

Op 17 mei stelde de kersverse Franse president Emmanuel Macron zijn regering van elf mannen en elf vrouwen voor. Daarin doken niet enkel verrassende namen op, maar ook een paar ongewone titels. Zo kreeg tv-gezicht Nicolas Hulot de portefeuille van transition écologique et solidaire en werd Sylvie Goulard niet gewoon minister van defensie maar wel ministre des Armées.

Ook Richard Ferrand, secretaris-generaal van Macrons beweging En Marche, kreeg een ministerpost met een welluidende naam: Ministre de la Cohésion des territoires. De belangrijkste verantwoordelijkheden van deze portefeuille zijn huisvesting, stedenbouw en ruimtelijke ordening, maar de naam duidt ook op een hogere missie. De Franse journaliste Apolline de Malherbe omschreef die als volgt:

Il y a deux France. Emmanuel Macron a été élu dans les cœurs des villes alors que Marine Le Pen a fait des scores très élevés dans le monde péri-urbain. Il faudra donc retrouver une cohésion du territoire.

Dat Frankrijk een land op zoek naar cohesie is, blijkt overtuigend uit Ontredderde Republiek van Mia Doornaert. La douce France is verdeeld en lijkt in de ban van le déclin (het verval). Fransen ervaren een collectieve malaise: ze zijn neerslachtig, maar niemand lijkt goed te weten waarom.

Le specificité française

Niet dat er geen duidelijke oorzaken aan te wijzen zijn: terrorisme, moeizame integratie, verziekte banlieues, economische stagnering, een hardnekkig begrotingsdeficit en torenhoge jeugdwerkloosheid zijn nog maar enkele factoren die van Frankrijk een ‘zieke patiënt’ maken. Wie wil begrijpen waarom de opdracht van president Macron zo overweldigend is, vindt in dit boek alvast een goed overzicht.

Maar om een diagnose te stellen, wil Doornaert verder gaan dan de cijfers en de feiten. “Naties zijn gezamenlijke verhalen van gedeelde belevenissen en herinneringen, van passies en dromen”, citeert ze de filosoof Ernest Renan. De Franse ontreddering heeft ook te maken met een verlies van nationale trots en een teloorgang van le specificité française. Net door hun glorieuze verleden zijn Fransen het niet gewend om in het hedendaagse Europa een ‘gewoon’ land te zijn.

De trage rivier

Om dit dieperliggende gevoel van mishagen te vatten, duikt Doornaert de Franse geschiedenis in. Ze verwijst naar de Poolse journalist Ryszard Kapuściński om aan te geven dat onder de waan van de dag een ‘trage rivier’ stroomt:

Die trage rivier voert het sediment mee van de eeuwen geschiedenis waardoor de diverse naties gekneed zijn. Dat bezinksel kan een zwaardere of lichtere massa zijn, maar zonder te weten wat de rivier in de diepte meevoert, kan men de oppervlaktegolfjes van de actualiteit niet begrijpen en niet duiden. (p. 10-11)

Doornaerts poging om die Franse ‘trage rivier’ in kaart te brengen begint bij Clovis en houdt halt bij enkele cruciale episodes: van het koningschap van Hugo Capet tot aan de Revolutie en de philosophes, van het keizerrijk van Napoleon Bonaparte tot aan de belle epoque en de wereldoorlogen. Het resultaat is een vlot leesbare executive summary van de Franse geschiedenis.

Het spook van het Elysée

In de laatste hoofdstukken komen vooral de Franse presidenten en hun (al dan niet politieke) exploten aan bod. Vooral François Mitterand moet het daarbij ontgelden. In tegenstelling tot staatsman Charles de Gaulle klampte “Tonton” zich vast aan de macht zonder een duidelijk plan voor Frankrijk. Hij was het ook die de politieke groei van het Front National aanwakkerde, om zo de rechterzijde te verdelen en zijn eigen positie veilig te stellen. Ook het zogenoemde “spook van het Elysée” François Hollande krijgt een allesbehalve flatterend portret van Doornaert.

Het – voorlopige – dieptepunt is François Hollande, die blijkbaar geïnspireerd werd door wat Napoléon ooit eens zei: ‘On gagne et puis on voit’. Met andere woorden: ‘eerst winnen en dan zien we wel’. Behalve dat Hollande nooit naar het tweede stadium is overgegaan. (p. 177)

Naast de politieke mijlpalen komen ook heel wat persoonlijke verhaallijnen van les présidents aan bod.  Hoewel vermakelijk, zijn deze details over amoureuze escapades en andere persoonlijk intriges een pak minder relevant in het schetsen van de ‘trage rivier’.

Frankrijk herontdekken

Mia Doornaert staat erom bekend dat ze geen blad voor de mond neemt en dat doet ze ook in dit boek niet. In de inleiding geeft ze duidelijk te kennen dat Ontredderde Republiek een subjectief werk is. Net daarin schuilt ook de grote charme van het boek. Doornaert kent Frankrijk door en door, is er intens door gefascineerd en houdt er zielsveel van. Haar verhaal is een tapijt van geschiedenis, ankedotes en persoonlijke herinneringen, verteld met aanstekelijk enthousiasme.

“We moeten Frankrijk opnieuw leren kennen”, staat op de achterflap van het boek. Ontredderde Republiek is daartoe een uitstekende aanzet én het nodigt uit om het land en zijn kleurrijke verleden verder te herontdekken.

Blijf op de hoogte via Facebook en Twitter of abonneer je op de VDF-nieuwsbrief

Titelafbeelding via Pexels.com