Recensie van: Tom Sauer, De strijd voor vrede en hoe we die kunnen winnen, Polis, 2017, ISBN: 978-94-6310-222-3 (248 p.)

Review:  favorite (1)favorite (1)favorite (1)favorite (2)favorite (2)

Een dikke maand geleden maakten Why5Research, Radio 1, Lannoo en De Standaard de resultaten bekend van een onderzoek naar ‘De Grote Levensvragen’. Daarin werd aan 1000 Vlamingen gevraagd waar ze wakker van liggen. Veel aandacht ging toen naar de vaststelling dat 54% vindt dat moordenaars de doodstraf verdienen. Een ander opvallend resultaat: 44% is bang dat er binnenkort een derde wereldoorlog zal uitbreken.

de strijd voor vrede - tom sauer.jpg

Volgens Tom Sauer, professor internationale politiek aan de Universiteit Antwerpen, is het niet verbazend dat veel mensen met een klein hartje kijken naar het geopolitieke geknetter. De media bombarderen ons bijna dagelijks met beelden van bloederige conflicten en de gezwollen oorlogsretoriek van labiele driftkikkers op het wereldtoneel.

Tot overmaat van ramp, stelt Sauer, worden internationale broeihaarden opgeklopt door experts die zo ons onveiligheidsgevoel verder aanscherpen.

Good guys & bad guys

In zijn boek De strijd voor vrede en hoe we die kunnen winnen betoogt Sauer dat hoewel de hedendaagse dreigingen niet uit de lucht komen vallen, er wel manieren zijn om ze aan te pakken. Dat onderbouwt hij aan de hand van drie actuele veiligheidsvraagstukken die vandaag voor onrust zorgen: terreur, Russische agressie en de verspreiding van kernwapens. Vooral dat laatste krijgt veel aandacht in het boek. In elk van de drie gevallen kijkt Sauer voorbij de klassieke good guys/bad guys-indeling en speurt hij naar dieperliggende oorzaken.

De strijd voor vrede 1
Russische soldaten (de fameuze ‘little green men’) in de Krim in 2014. Foto door Anton Holoborodko via Wikimedia Commons.

Zijn conclusie: de dreiging die uitgaat van terroristen, provocerende Russen en nucleaire havenots heeft in essentie te maken met miskenning, exclusie, discriminatie en vernedering. Anders gezegd: niet enkel individuen voelen zich weleens uitgesloten, ook staten en groeperingen kunnen “er niet bijhoren” en daardoor uiteindelijk uiting geven aan woede en frustraties.

De hand in eigen boezem

In het eerste hoofdstuk toont Sauer aan dat de hedendaagse terreurgolf complexe historische, politieke en religieuze wortels heeft. Maar hij concludeert evengoed dat een ongelijke behandeling van de allochtone gemeenschap radicalisering – en uiteindelijk extremisme – in de hand werkt.

Maandelijks boekentips in je mailbox?-2 kopie

Ook de analyse van de verhoudingen tussen het Westen en Rusland eindigt hij met de hand in eigen boezem: na de Koude Oorlog kon Rusland opgenomen worden in een nieuwe, internationale veiligheidsarchitectuur, maar in de plaats daarvan breidde de NAVO zich verder uit naar het Oosten. Sauer bekijkt de jarenlange aanloop naar de annexatie van de Krim in 2014 dan ook door de ogen van Poetin. Het minste dat je daaruit kan concluderen, is dat het Westen een beleid van twee maten en twee gewichten heeft gevoerd.

Smeulende kernwapens achter de rug

Het derde hoofdstuk, over de uitbouw van kernwapenarsenalen, steunt op dezelfde redenering. De huidige opdeling tussen nucleaire haves en havenots zorgt ervoor dat bepaalde landen – of beter: hun leiders – zich gekrenkt, miskend of genegeerd voelen. Het non-proliferatieverdrag van 1968 erkende vijf landen als tijdelijke kernwapenstaten: de VS, het VK, Frankrijk, China en de USSR – toevallig ook de vijf permanente leden van de VN-veiligheidsraad.

Alle andere landen moesten dit verdrag ondertekenen als niet-kernwapenstaat en dus beloven dat ze nooit atoomwapens zouden aanmaken. Maar ondertussen komen de kernwapenstaten hun ontwapeningsbeloftes van 1968 niet na. Of zoals Sauer het verwoordt:

Het doet me denken aan de vader die zijn opgroeiende zoon met luide stem verbiedt om te roken, terwijl hijzelf achter zijn rug een smeulende sigaret vasthoudt.

Niet dat de havenots zich daar zomaar bij neerleggen. Op 7 juli van dit jaar stemden 122 landen in VN-verband voor een verdrag dat nucleaire wapens verbiedt. Inmiddels hebben meer dan 50 landen hun handtekening gezet, het vereiste aantal om het verdrag in werking te laten treden. Vredesbewegingen hopen dat dit verdrag een nieuwe hefboom zal worden om een potje te armworstelen met de negen kernmachten (de vijf eerdergenoemde landen plus India, Pakistan, Israël en Noord-Korea). Volgens Sauer is dit een historische mijlpaal die in de media te weinig aandacht heeft gekregen.

De strijd voor vrede 2
Hiroshima, of wat daarvan overbleef na de passage van “Little Boy” in 1945. Foto via Wikimedia Commons.

Er zijn in elk geval genoeg redenen om te streven naar een kernwapenvrije wereld. Sinds de massamoorden in Hiroshima en Nagasaki zijn geen kernwapens meer ingezet, maar hete standjes zoals de Cubacrisis, verschillende ‘valse alarmen’ en talloze ongevallen met kernwapens tonen aan dat we misschien niet altijd evenveel geluk zullen hebben. En dan is er nog het akelige addendum in dit boek: wat als terroristen erin slagen om een rudimentair kernwapen of een zogenoemde vuile bom ineen te knutselen?

Tussen hoop en relativisme

De strijd voor vrede is een hoopvol boek, al zal het door sommigen wellicht als utopisch of idealistisch worden bestempeld. Sauer beseft echter dat exclusie gemakkelijker vast te stellen dan op te lossen is. De grootste verdienste van zijn boek ligt erin dat hij lezers oproept om verder te kijken dan klassieke boemanscenario’s.

Hij praat de acties van Poetin, Kim Jong-un of Abu Bakr al-Baghdadi uiteraard niet goed, maar nodigt wel uit om veiligheidsvraagstukken vanuit meerdere perspectieven te bekijken – wat nog niet hetzelfde is als begrip opbrengen. Hij wil vooral niet pessimistisch worden of grijpen naar oplossingen waarbij het ieder voor zich is.

Bij die oefening loert natuurlijk steeds een zeker relativisme om de hoek en allicht zullen sommigen in Sauers betoog vooral ‘Westerse zelfkastijding’ zien. Aan zijn hoofdstelling valt echter moeilijk te tornen: een meer inclusieve wereld zou een veiliger oord zijn. Sauer onderbouwt die hypothese met boeiende historische analyses die je van Afghaanse moedjahedien tot aan de bunkers van Kleine Brogel voeren.

Het is een vlot leesbaar en prikkelend boek met een glasheldere boodschap: de strijd voor vrede kan enkel gewonnen worden als we uitsluiting, discriminatie en vernedering aanpakken. De kans dat we er ooit raken met sancties, bedreigingen en provocaties lijkt mij hoe dan ook onbestaande.

Blijf op de hoogte via Facebook en Twitter of abonneer je op de VDF-nieuwsbrief

Gerelateerde boeken: