Recensie van: Daniel Schönpflug, 1918: het jaar van de dageraad (oorspronkelijke titel: Kometenjahre: 1918, Die Welt im Aufbruch), ISBN: 9789023449492, De Bezige Bij, 2017 (320 blz.)

Review: favorite (1)favorite (1)favorite (1)favorite (1)favorite (2)

Volgend jaar, op 11 november, zal het precies 100 jaar geleden zijn dat er een einde kwam aan de Eerste Wereldoorlog. De ondertekening van de wapenstilstand lijkt een eenduidig en helder historisch moment; een soort collectieve cesuur in de wereldgeschiedenis.

1918 het jaar van de dageraad - Daniel SchönpflugDaniel Schönpflug, docent geschiedenis aan de Vrije Universiteit Berlijn, haalt dit plaatje vakkundig onderuit in zijn boek 1918: het jaar van de dageraad. Met grote zwier toont hij hoe het einde van de Grote Oorlog op sterk uiteenlopende manieren werd ervaren. Sommigen trokken toekomstdronken en feestend door de straten, terwijl anderen vooral onzekerheid voelden, of gewoon geen flauw benul hadden van wat er zich net had voltrokken in een treinwagon die stilstond op een open plek in het bos van Compiègne.

Individuele, asynchrone verhalen

De geschiedenis zoals we die kennen uit schoolboeken, documentaires of Wikipedia, is altijd een soort samenvatting: jaartallen, hoofdrolspelers en sleutelmomenten vormen samen de hoofdlijnen van een reconstructie waar de meerderheid het al dan niet over eens is. Deze aanpak van het verleden laat Schönpflug varen in zijn boek over het bijzondere jaar 1918.

“De geschiedenis valt uiteen in talloze individuele en asynchrone verhalen”, schrijft hij. Schönpflug koos er dan ook voor om dit unieke moment in de geschiedenis te schetsen aan de hand van – niet noodzakelijk objectieve – egodocumenten zoals dagboeken, brieven en memoires van rechtstreekse ooggetuigen.

Het resultaat is een weefsel van gestileerde verhalen die samen moeten illustreren hoe de wereld in 1918 heen en weer slingerde tussen hoop en vrees. Nooit eerder leken er zo veel mogelijkheden open te liggen, maar tegelijk sluimerde de geest van revolutie al en raakten nieuwe, extreme ideeën op ramkoers.

Van Walter Gropius tot Hồ Chí Minh

Dromen, verlangens, onrust en angsten kleurden de periode rond 1918 die Schönpflug de ‘kometenjaren’ noemt. Hij geeft ze weer vanuit uiteenlopende perspectieven. Als lezer kijk je bijvoorbeeld mee door de ogen van Matthias Erzberger, een van de leden van de Duitse vredesdelegatie, of Harry S. Truman, de 33ste president van de Verenigde Staten die in 1918 als onbekende artillerieofficier in de Vogezen hunkerende brieven schreef naar zijn liefje op het thuisfront.

1918 - het jaar van de dageraad
Harry S. Truman, de 33ste president van de VS als artillerie-officier in WOI (via Wikimedia Commons)

Talloze andere bekende en minder bekende personages bieden elk hun unieke kijk op het tijdvak. Passeren onder meer de revue: oorlogsheld Alvin C. York, publiciste Louise Weiss, Bauhaus-architect Walter Gropius, femme fatale Alma Mahler-Werfel, schrijfster Virginia Woolf, kunstenares Käthe Kollwitz, verzetsleider Mahatma Gandhi en keukenhulp Nguyễn Tất Thành – die later bekendheid zou verwerven als de Vietnamese communistische leider Hồ Chí Minh.

Deze figuren zijn niet toevallig gekozen. Hun verhalen geven telkens treffend weer hoe de ambivalente tijdsgeest van rond 1918 wereldwijd nagalmde – en concrete gevolgen had. In 1918 vind je niet enkel de kiemen van de tweede wereldoorlog en de holocaust, maar ook die van onder meer de emancipatie van zwarte Amerikanen, het vrijheidsstreven van Ieren, Indiërs en Vietnamezen, de veranderende ideeën over de vrije liefde en de toenemende gelijkwaardigheid van man en vrouw.

Rudolf Höss
Schönplug trekt een lijn van 1918 naar de holocaust met het verhaal van Rudolf Höß, een Duitse soldaat die tijdens WOI in Turkije vocht. Misnoegd over het vredesverdrag van 1918 sloot hij zich aan bij het paramilitaire vrijkorps Roßbach en in 1922 werd hij lid van de NSDAP. Van mei 1940 tot december 1943 was hij kampcommandant in Auschwitz, waar hij op grote schaal het gifgas Zyklon B inzette. In 1947 werd hij veroordeeld opgehangen in Auschwitz (foto – via Wikimedia Commons).

Het scenische schrijven

Door verschillende verhalen te verweven tot een caleidoscopisch geheel, schrijft Schönpflug een heel aparte vorm van historische non-fictie. Hij kiest fascinerende personages en ontvouwt stapsgewijs, met kleine cliffhangers, hun plotlijn en rol in het grotere plaatje.

Het opvallendste kenmerk is echter wat de auteur zelf zijn “scenische manier van schrijven” noemt. In het dankwoord meldt Schönpflug dat hij dat vooral te danken heeft aan zijn jarenlange samenwerking met filmproducent Gunnar Dedio. Al vanaf de eerste pagina’s is duidelijk wat deze manier van schrijven inhoudt. De bekendmaking van het nieuws over de Wapenstilstand in de Verenigde Staten beschrijft hij bijvoorbeeld zo:

De New Yorkers hebben het in de ochtendbladen gelezen en zijn met duizenden tegelijk de straat op gegaan. Tussen de wolkenkrabbers golft een zee van mensen, feestelijk uitgedost, pak aan en bolhoed op, in zondagse kleren, in uniform en verpleegsterskostuum, schouder aan schouder, arm in arm, groetend, elkaar in de armen vallend. Klokken, saluutschoten, marsmuziek en fanfares vermengen zich met miljoenen lachende, zingende en in koor roepende stemmen tot een donderend lawaai, als van een enorme branding.

Hier lijkt inderdaad een scenarioschrijver aan het werk. Deze filmische werkwijze resulteert in een heel gevoelsmatige, tastbare onderdompeling in de geschiedenis. De links met de beeldende kunstwerken uit die tijd, versterken dat effect nog meer.

Literaire losbandigheid

Het is een schrijfwijze die ook de historische non-fictie van schrijvers als Geert Mak en Philipp Blom kenmerkt, maar Schönpflug gaat toch nog een stap verder in zijn stilering van het verleden. Hij behoudt bijvoorbeeld de opsmuk en subjectiviteit van sommige egodocumenten en voegt met eigen stijlelementen nog extra dramatiek toe.

Wellicht huiveren sommige historici bij zoveel literaire losbandigheid, maar het resultaat is wel een pakkend, spannend en meeslepend boek dat je echt laat proeven van de tijdsgeest. Schönpflug is zich er zelf goed van bewust dat zijn aanpak wenkbrauwen zal doen fronsen:

Of de prijs voor de compactheid te hoog is (…) mag de lezer uitmaken, net als de vraag of de lezer de auteur de eigen kleine ruimte wil gunnen die deze aan zijn inlevingsvermogen heeft gegeven bij de weergave van de in de bronnen gevonden taferelen. Dit boek mag in elk geval niet verkeerd begrepen worden als een objectieve weergave van historische feiten, maar moet eerder gezien worden als een collage van getuigenissen (…).

Een collage van getuigenissen dus. Schönpflug wil je als lezer niet uitleggen wat er allemaal gebeurd is in 1918. Hij wil je de beroering, de opinies, de angsten en de toekomstvisioenen van ‘de kometenjaren’ laten ervaren, om zo de historische feiten in een menselijke context te plaatsen en beter te begrijpen. Wat mij betreft, is hij daar meesterlijk in geslaagd.

Blijf op de hoogte via Facebook en Twitter of abonneer je op de VDF-nieuwsbrief

Gerelateerde boeken: